WERKWIJZE

Wat moet je doen? Behalve dat je de taken die hieronder staan moet uitvoeren, is het heel verstandig om te alvast een kijkje te nemen op de pagina "Beoordeling" want daar zie je hoe jullie werk door jullie leerkracht beoordeeld zal worden. Dan kun je daar rekening mee houden tijdens het uitvoeren van de opdrachten."

TAAK 1:
Bedenk eerst samen minstens drie vluchtroutes. Dit hoeft nog niet heel erg nauwkeurig beschreven te zijn, zoals: "Via neus naar longen en dan met het uitademenen weer via de mond eruit."

TAAK 2:
Daarna ga je de vluchtroutes stap-voor-stap bestuderen en beschrijven. Schrijf op langs welk lichaamsonderdeel je komt en wat de taak (de functie) van dat onderdeel is.
 
Je zult merken dat op sommige plekken er verschillende lichaamsonderdelen samen komen of juist splitsen, alsof je op een verkeerskruispunt staat. Elke weg op zo'n kruispunt gaat ergens naar toe. Waar gaan de wegen van zo'n kruispunt in je lichaam naar toe. Beschrijf goed welke "afslag" je voor de vluchtroute moet nemen, want anders kom je heel ergens anders in het lichaam terecht waardoor het moeilijker wordt om eruit te komen.

Gebruik het werkblad "lichaamsonderdelen" dat je onderaan deze pagina ziet. Voordat je dit blad invult, moet je het eerst ergens op je computer op slaan. Weet je niet hoe dat moet, vraag het dan even aan de leerkracht.


TAAK 3:
Als jullie klaar zijn met het invullen van het werkblad, gaan jullie een uitgebreidere beschrijving maken.
  • Een van jullie twee tekent een plattegrond van het menselijk lichaam. Deze plattegrond mag je even groot maken als jezelf:
    • Vraag grote papieren aan je leerkracht en plak ze aan elkaar.
    • Ga er dan zelf opliggen.
    • De ander trekt de omtrek van je lichaam na.
    • Teken nu in het lichaam de belangrijkste organen.
      Gebruik je een kleiner vel, dan moet je alles wel naar verhouding tekenen.

      Zet onderaan de plattegrond wat de verhouding is. Als je het lichaam even groot als jezelf hebt getekend, dan komt daar te staan1 cm is in werkelijkheid 1 cm ( 1 : 1)
      Heb je het lichaam vier keer zo klein gemaakt, dan schrijf je 1 cm is in werkelijk 4 cm (1 : 4). Let op: Als je je lichaam hebt verkleind, dan moeten ook alle organen net zoveel worden verkleind.
  • De ander maakt richtingaanwijzers en verkeersborden die er voor moeten zorgen dat nieuwe reizigers de weg in het menselijk lichaam niet kwijt raken. Deze worden op de juiste plaatsen gezet of geplakt.
  • Samen maak je bij elk lichaamsonderdeel een korte beschrijving van de functie van dat lichaamsonderdeel.

TAAK 4:
En nu naar huis. Jullie zitten nog steeds gevangen in het lichaam. Welke vluchtroute kiezen jullie? Daarbij gebruik je het overzicht van de voor- en nadelen van de vluchtroute. Vul dit schema in voor elke gevonden vluchtroute.

TAAK 5:
Presenteer jullie vluchtroute aan de klas en bespreek ook de andere vluchtroutes. Je mag zelf kiezen hoe je de presentie geeft.

Subpages (1): Vluchtroutes
ĉ
John Demmers,
Jul 14, 2008, 10:45 PM
ĉ
John Demmers,
Oct 14, 2008, 12:00 AM